Duurzaamheid in de zorg: lokaal geworteld, collectief geambieerd

Person in white lab coat holding glowing holographic recycle sign, signifying medical personnel or high tech healthcare concept.

De wereld staat voor een belangrijke opgave. Een opgave die niet wacht. Ook de zorg moet hierin positie kiezen. Voor bestuurders, zorgprofessionals en regionale partners ligt er een duidelijke opdracht. Terwijl de zorg bijdraagt aan een beter en gezonder leven, is het tegelijkertijd een grote vervuiler van ons leefklimaat. Maar hoe gaan we van zorg naar gezondheid? 

De paradox van gezondheid

In Nederland heeft de zorgsector een aandeel van 7% van de klimaatvoetafdruk (bron: RIVM), terwijl haar kerntaak het bevorderen van gezondheid is. Die paradox wordt steeds moeilijker te negeren. De zorgsector is gefocust op zorg, in plaats van gezondheid, op curatie en niet preventie. Terwijl er in de gezondheidszorg ook een transitie nodig is die dit omdraait; van zorg naar gezondheid.  

Klimaatverandering heeft een directe en indirecte impact op onze gezondheid en ons leefmilieu, bijvoorbeeld door hittestress of een toename van allergieën. Door het bijdragen aan een groenere wereld, draagt de zorg ook bij aan een gezondere wereld voor de wereld van vandaag en de wereld van morgen. Daarmee draagt het bij aan de transitie waar de zorg voor staat; naar een duurzame en houdbare manier van zorg, waar we streven naar een gezond leven in plaats van behandeling. 

Samenwerken voorbij organisatiegrenzen

Een complex vraagstuk als duurzaamheid in de zorg vraagt om samenwerking voorbij de grenzen van organisaties. Het is een ecosysteemprobleem. Wanneer je slechts één onderdeel verandert, raak je alleen de oppervlakte. Geen enkele persoon of organisatie kan dit alleen oplossen. Daarom vraagt deze transitie om leiders en partners die actief verbinding organiseren, kennis delen en ruimte maken voor lokale initiatieven. Organisatieadviseur Hans Vermaak onderbouwt waarom: diepgaande veranderingen spelen zich bij uitstek lokaal af en worden vormgegeven door allerlei lokale veranderaars. Netwerken zoals Care2Change maken het mogelijk om gezamenlijk te leren, risico's te spreiden en een schaal te bereiken die individueel niet haalbaar is.  

Het Care2Change netwerk is een samenwerkingsverband van zorginstellingen, onderwijs en regionale partners als het gaat om duurzame gezondheidszorg. Volgens Rijksuniversiteit Groningen is het programma “gericht op het verminderen van de vervuiling door de zorg en het financieel versterken van de regio Noord-Nederland door de regionale en circulaire productie van zorgproducten.” Care2Change laat zien wat nodig is: niet wachten tot iedere organisatie afzonderlijk klaar is, maar gezamenlijk optrekken, leren en opschalen.

Groen leiderschap

Naast sterke samenwerking in de regio vraagt deze transitie om leiderschap. Niet om leiderschap dat duurzaamheid erbij doet, maar om leiderschap dat koers kiest, ongemak verdraagt en de lange termijn structureel meeweegt. Bestuurders, programmaleiders en zorgprofessionals hebben hierin een duidelijke rol. Zij moeten niet alleen zelf het voorbeeld geven, maar ook anderen in staat stellen om anders te denken en te doen en ervoor zorgen dat er ruimte is voor duurzame beslissingen. Wie is jouw groene voorbeeld?

Een initiatief dat een podium biedt aan groene leiders is de Jeroen Meijerink Award. Jeroen Meijerink zette zich in voor het verduurzamen van de zorg. De award wordt uitgereikt aan groene leiders in de zorg, waar wordt gekeken naar leiderschap, impact, schaalbaarheid en duurzame verandering. Door met elkaar dit soort initiatieven meer aandacht te geven, geven we de groene zorg een duurzame toekomst. 

Versnel verandering door te delen wat werkt

Een van de krachtigste lessen uit de zorgtransitie is ook de simpelste: deel wat werkt. Wacht niet tot een aanpak perfect is, maar maak zichtbaar wat anderen kunnen overnemen. Etaleer groene successen niet alleen om te laten zien wat goed gaat, maar vooral om anderen in beweging te brengen. Vorig jaar schreven we een whitepaper over adviezen van groene leiders om geleerde lessen te delen en anderen te inspireren.  

Maar het meest onderschatte voorbeeld van 'jatten' is misschien wel het jatten van onszelf. Van vroeger. Ooit waren hulpmiddelen in de zorg vanzelfsprekend herbruikbaar. Materialen werden gesteriliseerd en gingen jaren mee. Ergens in de afgelopen decennia verschoof dat naar een cultuur van weggooien na één gebruik. Maria Koijck, kunstenares en patiënt, zag hoe een schaar die één knipje had gemaakt werd weggegooid en maakte een kunstwerk van al het afval van haar operatie. Begin 2026 won een verpleegkundige van het UMCG de Innovatieprijs Duurzaamheid, niet voor een nieuwe technologische doorbraak, maar voor het herintroduceren van de herbruikbare bloeddrukband. Een oud idee met nieuw lef.

Hans Vermaak schrijft over lokale veranderaars die het verschil maken. Maar lokale veranderaars hebben de ruimte nodig om te proberen, te falen en opnieuw te beginnen. Die ruimte ontstaat niet vanzelf. Wie invloed heeft op bestuur, beleid en besluitvorming moet die ruimte organiseren. Dat is misschien wel de belangrijkste taak van leiders in de energietransitie: lef niet alleen waarderen, maar mogelijk maken.